Een realistisch idealisme

Op een stralende, zonnige dag in een klein romantisch kerkje staat een gelukkig bruidspaar. De twee staan op het punt om hun geloften naar elkaar uit te spreken. Met een mooie, bijna kinderlijke, glimlach kijkt de bruidegom zijn bruid aan. Op het moment dat hij “lieve..” zegt, breekt buiten een donderslag door. Het begint te regenen, heel hard te regenen. Paniek doet de ronde en steekt iedereen in het gebouw aan. Mensen beginnen elkaar aan te kijken en vragen zich af hoe deze dag nu verder moet. Zometeen moeten de foto’s gemaakt worden en het feest vindt notabene buiten plaats!

Het is de angst van elk bruidspaar. De dag waar al lang over gedroomd is, valt letterlijk in het water. Jaren, maanden, weken van te voren is er een ideaalplaatje van deze belangrijke gebeurtenis in de hoofden van het paar geschetst. Elk moment, elke stap en elk woord is vastgelegd om er maar voor te zorgen dat het ideaal ook werkelijkheid wordt. Zelfs de orde van de natuur moet buigen voor hun wensen en dat houdt in dat de zon, gewild of ongewild, de hele dag moet schijnen. Stiekem is het toch wel prettig als God deze ene dag alle wensen in vervulling laat gaan.

Maar dan staat er een grote, lange onweersbui voor de deur. En dat is het moment waar er bij veel christenen een stroomstoring in de hersenen plaatsvindt. Ergens denken we dan toch: “Hmm God, had U dat niet kunnen voorkomen voor deze twee mooie mensen?” God die uit het niets de wereld heeft geschapen, kan toch wel een buitje tegenhouden?

Het ideaaldenken dat we mee hebben gekregen uit het christendom wringt vaak met de realiteit van het alledaagse leven. We geloven in een hemelse Vader die geen steen geeft als we vragen om brood. Als we dan bijvoorbeeld afscheid moeten nemen van een geliefde die sterft aan de gevolgen van een dodelijke ziekte, hebben we het gevoel dat we nog niet eens een steen hebben gekregen. We staan met lege handen.

Op zulke momenten kan ik haast geen idealist meer zijn en is het erg aantrekkelijk om een realist te worden. Een realist kan het leven makkelijker nemen zoals het komt, tegenslag wordt geïncasseerd en de draad wordt weer opgepakt. Er zijn minder waarom-vragen en de oorzaak wordt al helemaal niet bij een hogere macht gezocht. De moeilijke gebeurtenissen, hoe pijnlijk dan ook, horen er dan gewoon bij. Al helemaal als we het vragen aan hedendaagse filosofen zoals Nietschze en Sartre. Die staan voor de wereld nemen zoals die op je afkomt en niet zoals die zou moeten zijn. We kunnen van ze leren en een stuk sterker door het leven gaan als we God niet overal voor laten opdraaien.

Toch heb ik in mijn eigen leven moeite met na tegenslag stug door proberen te gaan. Ik vraag me af: Is het mogelijk dat ik zowel een idealist als een realist kan zijn? Dus de tegenslagen in het leven zien als onderdeel van het leven én toch het gesprek met God aan blijven gaan? Als dan die onweersbui de dag komt verpesten, kan ik om twee redenen naar de hemel kijken: Als realist wil ik weten of ik een paraplu nodig heb en als idealist vraag ik God om hulp.